Posts tagged as:

jungle

Jungle playtime

maart 3, 2010

Het idee was om nog een verhaal over de Galapagos eilanden te schrijven, maar de eerste dag in Cali bracht direct genoeg spektakel om over te schrijven.

Het doel was om, op advies van mijn nieuwe Mexicaanse reismaat Antonio naar San Crispiano te gaan. Daar zou een schitterende rivier zijn om te zwemmen, maar de grootste attractie bleek de rit er naartoe.

Aangekomen in het dorpje Zaragoza dienden we eerst de kolkende rivier over te steken. Dit kon via een loshangend touwbruggetje met veel gaten en losliggende planken waar op het moment van oversteken tenminste 30 andere mensen op aan het wiebelen waren. Opvallend waren de vele gereedschappen die deze mensen met zich meedroegen en al snel werd mijn vermoeden bevestigd dat dit allemaal goudzoekers waren. Opvallend was dat in tegenstelling tot Cali hier uitsluitend negers rondliepen. Hun voorouders zijn uit Afrika naar Colombia gebracht als slaven om te werken op de diverse plantages en er lijkt weinig te zijn veranderd sinds die tijd. Na de touwbrug te hebben overleefd stonden we bij een spoorweg die ons en de goudzoekers dieper de jungle in kon brengen.

Het transportmiddel dat hiervoor wordt gebruikt is één van de meest vindingrijke, spectaculaire én meest gevaarlijke die ik ooit heb gezien: Een lorry van hout, gelijkend op een pallet, met kleine gelagerde wieltjes en een gammel bankje, die wordt aangedreven door een heuse motorfiets. De motorfiets is op lompe wijze aan de lorry gemonteerd en het achterwiel rust op de rails om zo de lorry aan te drijven en -zo bleek even later noodzakelijk- te kunnen remmen. De zelfgebouwde vehikels werden bestuurd door enorme booskijkende negers met dusdanig gespierde lichamen dat de stoerste knullen in de Bijlmer er gillend voor weg zouden rennen en de soldaten van koning Leonidas er huilend van in hun kleine rode broekjes zouden plassen. Laten we stellen dat ik me niet helemaal op mijn gemak voelde. Gelukkig wilde mijn Mexicaanse reismaat de onderhandelingen over de prijs op zich nemen, zodat ik alleen alle priemende blikken van alle aanwezige goudzoekers hoefde te ontwijken. De aangewezen persoon om ons naar het paradijsje in de jungle te brengen zag echter geen enkele reden om minder dan het dubbele tarief te vragen en na veel staren, praten en wachten hebben we hier tenslotte mee ingestemd.

Zonder moeite tilde de reus zijn zware motorfiets-lorry op de rails en na plaats te hebben genomen voor op het gammele bankje kon de rit beginnen. De rit die volgde maakt iedere achtbaan tot kinderspel. Vol gas joeg onze bestuurder zijn machine over de stalen rails en bij elke bocht was het vasthouden geblazen. Het gammele bankje schoof vrolijk heen en weer op de houten planken en het was verstandig om de teentjes in de gaten te houden, opdat ze niet tussen de kleine metalen wieltjes en de rails terecht zouden komen. Na nog geen paar minuten rijden gebeurde het onvermijdelijke en moesten we na een blinde bocht vol in de ho-ijzers om te stoppen voor een tegenligger die met eenzelfde noodgang ons tegemoet kwam. Hierop volgde een spelletje wie-tilt-zijn-lorry-van-de-rails dat nog vaak werd gespeeld tijdens de rit. Meerdere lorry’s en vehikels met meer mensen hebben voorrang, maar ook dan is het een kwestie van wederom staren, praten en wachten. Één van de partijen verzoekt vervolgens zijn passagiers af te stappen en tilt vervolgens met gepaste tegenzin zijn machine van de rails. Opvallend bij de interacties tussen de verschillende chauffeurs was de vraag wanneer de trein kwam. “WAT?!” Er bleek ook nog eens om de zoveel uur een trein met hoge snelheid over de rails te jagen, waarvan niemand precies wist op welke tijdstippen en van welke kant. Een beetje Indiana Jones was het wel.

Uiteindelijk zijn we zonder grote problemen aangekomen in San Crispiano en konden we nog nagenietend van de rit naar de rivier lopen voor een verkoeling. Op weekdagen was het keienstrand langs de rivier blijkbaar lekker rustig en de enige aanwezigen waren een lokale schoolkinderen. Een vijftal jongens en meisjes van ongeveer 11 jaar oud keek een beetje vreemd toen de bebaarde Mexicaan en mijn persoontje het strand betraden. Onderstaand een letterlijke vertaling van het gesprek dat volgde. De inhoud is niet geschikt voor jonge lezertjes (uit Nederland althans):

Marten: “Hoi.”
Meisje (11): “Hoi. Neuk jij met jongetjes?”
Marten: “Eeh… Nee meisjes, hoezo?”
Meisje (11): “Waar zijn jullie meisjes dan?”
Marten: “Niet hier.”
Meisje (11): “Oh.” (kijkt bedenkelijk) “Maar dan kun je wel met mij neuken, want ik ben een meisje!”
Jongetje (12): “Ja, ik heb haar ook al geneukt, ha ha!”
(meisje petst het joch giechelend in z’n smoel)
Marten: “…”

Niet verwonderlijk natuurlijk dat je er zo vroeg bij bent, als pa en ma de hele dag aan het werk zijn en jij met al je vriendjes en vriendinnetjes de ganse dag halfnaakt door de jungle loopt, maar toch. Na een verder rustige middag badderen zijn we vermoeid weer huiswaarts gekeerd. Hallo Colombia!

{ 0 comments }

Lichtstad Limoncocha

februari 18, 2010

Het nachtelijke avontuur van de speurtocht naar de kaaimannen van de Limoncocha lagune begon uiteraard met een gedegen voorbereiding: Een lange broek, een trui met lange mouwen (geen lange trui), een zaklamp en liters antimuggengifspul. Volgens ons aller Braulio zaten er namelijk nogal wat muggen op het meer in de duisternis.

Vlak na het bemannen van onze kano wordt dit duidelijk als onze dappere gids met zijn schijnwerper over het water schijnt. Honderden, duizenden, misschien wel miljoenen muggen zwermen als een dichte mist over het water en stormen als gekken op de grote schijnwerper af. Deze schijnwerper wordt gebruikt om de duivelsrode reflecties van de ogen van de kaaimannen aan het wateroppervlakte te spotten. Ik heb mijn kleine zaklampje maar wijselijk uitgelaten het leeuwendeel van de tocht.

Een paar minuten later leek dit sowieso een heel goed idee, omdat er langs de volledige oever van de laguna duizenden kleine lichtjes te zien waren. Bio-luminescence. Een chemische reactie in het lichaampje van vuurvliegjes om het andere geslacht aan te trekken. Even later voeren we tussen een ware stad van licht op het water langs alle vuurvliegjes die hun heenkomen hadden gevonden in de talloze kleine waterplantjes in de lagune. De ervaring in de boot was een magische combinatie van een Efteling attractie, gecombineerd met de spanning van wijlen krokodillenworstelaar Steve Irwing, want terwijl ik mij zat weg te dromen bij de lichtstad op het water, had onze vrolijk vriend voorin een kaaiman gespot en dreven we langzaam, zonder motor in de richting de duivelsrode puntjes.

Een moment later lag de boot stil naast het kleine monster en konden we met gesloten mond van verbazing (want veel muggen) kijken hoe het een halve minuut later in de duisternis van de lagune wegzonk.

Na een tocht van anderhalf uur met diverse kaaimannen keerden we huiswaarts, maar niet zonder nog even te stoppen bij Rana City. Kikkerdorp. U kent vast de vele plaatjes van die groene boomkikkers met rode pootjes en zijn gele, blauwe en oranje vriendjes. Die leven blijkbaar ook in de lelies langs de waterkant. Ze zijn erg klein, maar grappig om te zien (en verdomd moeilijk te fotograferen). Na de vermoeiende tocht kwamen we opgelucht weer bij het kamp aan om na al het moois een welverdiende nachtrust te genieten.

{ 0 comments }

Welcome to the jungle

februari 12, 2010

Nadat ik Lotte en Koen heb opgehaald van het vliegveld in Quito verblijven we een paar dagen in de Ecuadoriaanse hoofdstad om te gewennen aan de hoogte en het klimaat. De dagen erna brengen we door in Baños, waar, niet geheel toevallig, diverse thermale baden zijn. Ook kunnen we daar door de bergen fietsen langs een mooie route vol met watervallen. Ideaal om te acclimatiseren! In Baños besluiten we eerst naar de jungle van de Amazone te gaan. Als we dat overleven trekken we naar de kust om aan ons grote Galapagos avontuur te beginnen.

In het oliestadje Coca aangekomen vinden we vrij snel een gids die ons voor een mooi prijsje 4 dagen de jungle wil laten zien. De volgende ochtend negen uur staat onze gids inderdaad op de afgesproken plek op ons te wachten. Dat begint goed! We gaan twee uur bootje varen, half uur auto rijden en dan nog een uur bootje varen om bij onze ´jungle lodge´ te geraken. Dit bleken twee enorme houten hutten aan een lagune te zijn, voorzien van een aantal kamers met houten bedden, dunnen matrassen en, gelukkig, klamboes.

De eerste dag hebben we na een flinke nachtrust direct een grote hike (wandeling klinkt zo suf) door de jungle gemaakt. In het begin zijn de paden goed begaanbaar, want die worden waarschijnlijk daags betrapt door dikke amerikanen en ander bewegingsmoe volk, maar verder in de jungle gaat onze vrolijke en ervaren gids Braulio lustig met zijn vlijmscherpe machete aan de slag. We zien vooral veel struiken, palmen en andere exotische flora, afgewisseld met de nodige insecten in alle soorten en maten. Na een aantal uur ploegen door de dichte begroeiing en dito spinnewebben komen we aan bij de pilaar van het woud: een 70 meter hoge woudreus met wortels zo groot dat het een paar minuten kost om er omheen te lopen. De boom is een gastheer voor vele andere organismen en heeft lianen aan zijn takken groeien die zo groot zijn als een flinke berk. Na de aanblik van dit indrukwekkende organisme vervolgen we onze weg en proberen onderweg van de verschillende vruchten in het woud. De meeste vruchten zijn even onbekend als lekker. Uiteindelijk komen we na 5 uur kruipen en lopen weer terug bij onze hutten. Tijd voor wat rijst, kip en papaya, om vervolgens 2 uur als een os te slapen. Als we wakker worden staat onze gids klaar met 5 twijgjes en wat visdraad. Piranha fishing!

In de smalle kano zitten we vervolgens uren lang stukjes vlees te voeren aan onze getande visvriendjes. Letterlijk voeren, want van vangen komt niet veel. De magere vangst van 5 kleine piranha´s is een magere aanvulling op ons avondmaal. Uitgeput kijken we in de avond naar de heldere sterrenhemel om vervolgens in een nachtelijke symphonie van alle insecten in een hele diepe slaap te vallen.

De dag erop eten we wederom vis in de ochtend en maken na het ontbijt een flinke wandeling door een ander deel van het woud. Een stuk jungle waar onze ervaren gids zelf (en blijkbaar met hem vele anderen) ook al jaren niet meer was geweest. Dit betekende meer vruchten en ongedierte, een schitterend riviertje en… drijfzand. We kregen allemaal een soort prikstok mee die moest dienen als houvast en testinstrument om te kijken of te grond voor ons veilig te belopen was. Meteen als ik de stok krijg steek ik hem in de zwarte modder voor mij en druk hem zonder moeite geheel in de modder, zo´n anderhalve meter. Als ik de stok vervolgens (tevens zonder moeite) weer uit de grond trek horen we een angstaanjagend slurpend geluid. Geen wonder dat er ontdekkingsreizigers van de aardbodem zijn verdwenen. Dit werd een tikkeltje gevaarlijk. Met behulp van geimproviseerde bruggetjes van dode bladeren en omgekapte bomen lopen we heel voorzichtig verder, als Lotte plotseling met haar voet van een boomstam afglijdt en met haar been in de modder wordt gezogen. Ze herstelt zich snel en weet er direct uit te klimmen. Een tikkeltje bleek en geschrokken vervolgen we onze weg. Over avontuur gesproken. Via reuzemieren en gordeldierholen komen we weer veilig aan bij het kamp. Dit is echter nog niet al het avontuur wordt ons meegedeeld: vannacht gaan we kaaimannen kijken…

{ 2 comments }