From the monthly archives:

maart 2010

Op de fiets door Bogotá

maart 24, 2010

Om de stad te verkennen heb ik een fietstocht door de stad gemaakt over een aantal van de fietspaden die de stad rijk is (340km!), begeleid door mijn fantastische gids, genaamd Juan. De vrolijke Colombiaan zwierde vrolijk over de grootste kruispunten, waarna ik hem met Utrechtse behendigheid moeiteloos wist te volgen. De totaal onwetende Pruis die deel uitmaakte van ons gezelschap had op ieder kruispunt vijf minuten nodig om moed bij elkaar te rapen alvorens de oversteek te wagen. Via vierbaanssnelwegen, diverse achterbuurten en parken kwamen we aan bij de vrijhaven van Colombia: de publieke universiteit van Bogota. Een campus terrein waar je zelfs je fiets laat inchecken, omdat het gehele terrein vrij is van de alom gevreesde politie. De onvoorstelbare hoeveelheid politiek getinte graffiti op alle gebouwen wijst op de onvrede die heerst over de huidige stand van zaken.

Hij heeft op het grote plein in een halfuur het complexe conflict in het land uit weten te leggen. Om de Colombianen en hun te begrijpen is het noodzakelijk om de situatie te begrijpen. Erg actueel, want dit weekend zijn er, wederom op zondag, verkiezingen voor de Kamer en de Senaat. Het paleis van de president in de binnenstad wordt om die reden al wekenlang streng bewaakt.

De regering in Colombia wordt gedomineerd door de schatrijke minderheid, waarvan een aantal families toevallig ook in het bezit zijn van de belangrijkste krant (El Tiempo), de twee publieke TV zenders en een zootje radiozenders.

De oppositie die pleitte voor gelijke rechten heeft zich na tegenvallende politieke resultaten georganiseerd in verschillende guerilla groeperingen om middels dreiging, geweld en aanslagen de regering tot verandering te dwingen. Het regeringsleger en de nationale politie kregen opdracht om de guerilla’s te bestrijden. Om de gewapende opstand te kunnen financieren grepen de guerilla groeperingen echter naar steeds extremere middelen. Naast de narcoticahandel waren ook kidnappings van familieleden van rijke politici voor losgeld aan de orde van de dag. Vele rijke families lieten dit niet over hun kant gaan en huurden privé legertjes in om de guerilla’s actief op te sporen en uit te roeien. Deze paramilitaire groeperingen opereren op hun eigen wetsloze houtje en vormen zodoende ook een gevaar voor de bevolking.

Naast het bestrijden van de guerilla’s worden de paramilitairen namelijk ook ingezet om terreur te zaaien onder de bevolking en zodoende complete dorpen onder druk te zetten om voor een bepaalde partij of persoon te kiezen tijdens de volgende verkiezingen. Dit uiteraard in navolging van de guerilla’s, die hier al jaren mee bezig waren. Deze verbluffende geschiedenis en actualiteit (want het is dus nog aan de orde van de dag), doet een mens even stil worden.

Onvoorstelbaar om te beseffen dat een land zó schitterend en een bevolking zó vriendelijk al jaren onder het juk van deze ellende gebukt gaat. Geen leuke verhalen ditmaal, maar die volgen snel weer!

{ 2 comments }

La ciudad de Don Pablo

maart 10, 2010

Het is zeker geen straf om een aantal dagen in Medellin door te moeten brengen. Ten eerste is het hier eeuwig lente. Denk aan de ideale temperatuur, een bijzonder aangename luchtvochtigheidsgraad en iedere dag op hetzelfde tijdstip een klein regenbuitje. Het is waarschijnlijk lastig voor te stellen met alle witte kou in Holanda, maar lekker weer bestaat nog steeds!

Daarnaast is de stad bijzonder welvarend dankzij de (niet helemaal legale) werken van Don Pablo Escobar. De wijlen chef van het Medellin-kartel was één der rijksten op aarde -op het hoogtepunt verdiende Pablito een miljoen dollares per dia! – en spendeerde een groot deel van zijn zuurverdiende centjes aan gemeenschapswerken in de stad. Scholen, woningen, parken, ziekenhuizen en natuurlijk een aantal mooie stulpjes voor zichzelf. Dat de handel in narcotica niet alleen Paulus IJscokar het luxe leven in heeft geholpen blijkt uit de gigantische paleizen in de heuvels rondom Medellin. Het geld wordt ook bijna letterlijk in alle vrouwen hier gepompt. Het aantal buitenproportionele bustes op straat (en in de supermarkt, de metro en de kerk) is werkelijk onvoorstelbaar. Daar komt nog bij dat in Medellin de mooiste dames van Colombia wonen. Blanke gringo mannetjes mogen dus van geluk spreken als ze de stad zonder whiplash kunnen verlaten (of zoals een beschaafde Engelsman in het hostel riep “there is a necksnapping quantity of extraordinary gorgeous women in this city”). U bent gewaarschuwd.

Het beruchte imago van rum, coke en hoeren (of sex, drugs and rock’n'roll, wat u wilt) trekt een apart slag volk aan. Opmerkelijk zijn de excentrieke reizigers die hier voor langere tijd blijven: Een chagrijnige rockabilly Yank, een poker spelende monnik, verschillende dopeheads van down under, gestrande Pruisische motormuizen, oude Franse viespeuken en verdwaalde Engelse meisjes. En al die salsa, rumba en cumbia is heel leuk, maar het draait hier nog altijd om het nationale exportproduct dat je voor een knaak per lijn van de straat kan snuiven. Niemand doet het natuurlijk, maar laten we zeggen dat er nooit sprake is van een ‘ingekakte sfeer’.

In de kroeg koop je een fles anejo ron voor de prijs van een paar bier en zelfs op maandagavond kijkt niemand hier vreemd op als er weer één gammel op z’n stelten de gangen doorzwalkt. Plundering en roof is hier echter aan de orde van de dag, want lamme lullen laten alles liggen en het is dus zaak om zaken van waarde bij je te houden. Behalve de rum is alles hier veel duurder dan in de andere landen. De dorm is veel te klein en mijn onderbuurman brandt wierrook tegen de zweetlucht. Wat een bittere ellende. Als echte Hollander toch nog even lekker klagen op de dinsdag namiddag in de hangmat boven op het dakterras naast het zwembad…

Uiteraard ook de rest van de stad bekeken, waarbij het mooiste uitzicht te vinden was boven op de berg naast de valei. Met een gloednieuwe gondelbaan (toch een beetje ski-vakantie gevoel!) werd je naar boven gebracht over alle krottenwijken heen. Het uitzicht is schitterend van boven is goed te zien dat er met name hele grote luxe wolkenkrabbers staan tussen alle grote groene parken die de stad rijk is. Tenslotte heb ik nog een bezoek gebracht aan het museum van de kunstenaar Fernando Botero uit Medellin, die beroemd is om zijn dikke mensen schilderijen en standbeelden. De binnenstad is vooral erg druk met mensen en heel veel winkeltjes. Aangezien alle toeristen in de rijke buurt zitten ben je een blonde attractie voor de lokale bevolking. Gelukkig had ik een meisje in de metro gevonden dat een middagje gids wilde spelen en me in sneltreinvaart langs alle bezienswaardigheden wist te loodsen. Pablo bedankt! Op naar Bogota!

{ 0 comments }

Jungle playtime

maart 3, 2010

Het idee was om nog een verhaal over de Galapagos eilanden te schrijven, maar de eerste dag in Cali bracht direct genoeg spektakel om over te schrijven.

Het doel was om, op advies van mijn nieuwe Mexicaanse reismaat Antonio naar San Crispiano te gaan. Daar zou een schitterende rivier zijn om te zwemmen, maar de grootste attractie bleek de rit er naartoe.

Aangekomen in het dorpje Zaragoza dienden we eerst de kolkende rivier over te steken. Dit kon via een loshangend touwbruggetje met veel gaten en losliggende planken waar op het moment van oversteken tenminste 30 andere mensen op aan het wiebelen waren. Opvallend waren de vele gereedschappen die deze mensen met zich meedroegen en al snel werd mijn vermoeden bevestigd dat dit allemaal goudzoekers waren. Opvallend was dat in tegenstelling tot Cali hier uitsluitend negers rondliepen. Hun voorouders zijn uit Afrika naar Colombia gebracht als slaven om te werken op de diverse plantages en er lijkt weinig te zijn veranderd sinds die tijd. Na de touwbrug te hebben overleefd stonden we bij een spoorweg die ons en de goudzoekers dieper de jungle in kon brengen.

Het transportmiddel dat hiervoor wordt gebruikt is één van de meest vindingrijke, spectaculaire én meest gevaarlijke die ik ooit heb gezien: Een lorry van hout, gelijkend op een pallet, met kleine gelagerde wieltjes en een gammel bankje, die wordt aangedreven door een heuse motorfiets. De motorfiets is op lompe wijze aan de lorry gemonteerd en het achterwiel rust op de rails om zo de lorry aan te drijven en -zo bleek even later noodzakelijk- te kunnen remmen. De zelfgebouwde vehikels werden bestuurd door enorme booskijkende negers met dusdanig gespierde lichamen dat de stoerste knullen in de Bijlmer er gillend voor weg zouden rennen en de soldaten van koning Leonidas er huilend van in hun kleine rode broekjes zouden plassen. Laten we stellen dat ik me niet helemaal op mijn gemak voelde. Gelukkig wilde mijn Mexicaanse reismaat de onderhandelingen over de prijs op zich nemen, zodat ik alleen alle priemende blikken van alle aanwezige goudzoekers hoefde te ontwijken. De aangewezen persoon om ons naar het paradijsje in de jungle te brengen zag echter geen enkele reden om minder dan het dubbele tarief te vragen en na veel staren, praten en wachten hebben we hier tenslotte mee ingestemd.

Zonder moeite tilde de reus zijn zware motorfiets-lorry op de rails en na plaats te hebben genomen voor op het gammele bankje kon de rit beginnen. De rit die volgde maakt iedere achtbaan tot kinderspel. Vol gas joeg onze bestuurder zijn machine over de stalen rails en bij elke bocht was het vasthouden geblazen. Het gammele bankje schoof vrolijk heen en weer op de houten planken en het was verstandig om de teentjes in de gaten te houden, opdat ze niet tussen de kleine metalen wieltjes en de rails terecht zouden komen. Na nog geen paar minuten rijden gebeurde het onvermijdelijke en moesten we na een blinde bocht vol in de ho-ijzers om te stoppen voor een tegenligger die met eenzelfde noodgang ons tegemoet kwam. Hierop volgde een spelletje wie-tilt-zijn-lorry-van-de-rails dat nog vaak werd gespeeld tijdens de rit. Meerdere lorry’s en vehikels met meer mensen hebben voorrang, maar ook dan is het een kwestie van wederom staren, praten en wachten. Één van de partijen verzoekt vervolgens zijn passagiers af te stappen en tilt vervolgens met gepaste tegenzin zijn machine van de rails. Opvallend bij de interacties tussen de verschillende chauffeurs was de vraag wanneer de trein kwam. “WAT?!” Er bleek ook nog eens om de zoveel uur een trein met hoge snelheid over de rails te jagen, waarvan niemand precies wist op welke tijdstippen en van welke kant. Een beetje Indiana Jones was het wel.

Uiteindelijk zijn we zonder grote problemen aangekomen in San Crispiano en konden we nog nagenietend van de rit naar de rivier lopen voor een verkoeling. Op weekdagen was het keienstrand langs de rivier blijkbaar lekker rustig en de enige aanwezigen waren een lokale schoolkinderen. Een vijftal jongens en meisjes van ongeveer 11 jaar oud keek een beetje vreemd toen de bebaarde Mexicaan en mijn persoontje het strand betraden. Onderstaand een letterlijke vertaling van het gesprek dat volgde. De inhoud is niet geschikt voor jonge lezertjes (uit Nederland althans):

Marten: “Hoi.”
Meisje (11): “Hoi. Neuk jij met jongetjes?”
Marten: “Eeh… Nee meisjes, hoezo?”
Meisje (11): “Waar zijn jullie meisjes dan?”
Marten: “Niet hier.”
Meisje (11): “Oh.” (kijkt bedenkelijk) “Maar dan kun je wel met mij neuken, want ik ben een meisje!”
Jongetje (12): “Ja, ik heb haar ook al geneukt, ha ha!”
(meisje petst het joch giechelend in z’n smoel)
Marten: “…”

Niet verwonderlijk natuurlijk dat je er zo vroeg bij bent, als pa en ma de hele dag aan het werk zijn en jij met al je vriendjes en vriendinnetjes de ganse dag halfnaakt door de jungle loopt, maar toch. Na een verder rustige middag badderen zijn we vermoeid weer huiswaarts gekeerd. Hallo Colombia!

{ 0 comments }