From the monthly archives:

februari 2010

Lichtstad Limoncocha

februari 18, 2010

Het nachtelijke avontuur van de speurtocht naar de kaaimannen van de Limoncocha lagune begon uiteraard met een gedegen voorbereiding: Een lange broek, een trui met lange mouwen (geen lange trui), een zaklamp en liters antimuggengifspul. Volgens ons aller Braulio zaten er namelijk nogal wat muggen op het meer in de duisternis.

Vlak na het bemannen van onze kano wordt dit duidelijk als onze dappere gids met zijn schijnwerper over het water schijnt. Honderden, duizenden, misschien wel miljoenen muggen zwermen als een dichte mist over het water en stormen als gekken op de grote schijnwerper af. Deze schijnwerper wordt gebruikt om de duivelsrode reflecties van de ogen van de kaaimannen aan het wateroppervlakte te spotten. Ik heb mijn kleine zaklampje maar wijselijk uitgelaten het leeuwendeel van de tocht.

Een paar minuten later leek dit sowieso een heel goed idee, omdat er langs de volledige oever van de laguna duizenden kleine lichtjes te zien waren. Bio-luminescence. Een chemische reactie in het lichaampje van vuurvliegjes om het andere geslacht aan te trekken. Even later voeren we tussen een ware stad van licht op het water langs alle vuurvliegjes die hun heenkomen hadden gevonden in de talloze kleine waterplantjes in de lagune. De ervaring in de boot was een magische combinatie van een Efteling attractie, gecombineerd met de spanning van wijlen krokodillenworstelaar Steve Irwing, want terwijl ik mij zat weg te dromen bij de lichtstad op het water, had onze vrolijk vriend voorin een kaaiman gespot en dreven we langzaam, zonder motor in de richting de duivelsrode puntjes.

Een moment later lag de boot stil naast het kleine monster en konden we met gesloten mond van verbazing (want veel muggen) kijken hoe het een halve minuut later in de duisternis van de lagune wegzonk.

Na een tocht van anderhalf uur met diverse kaaimannen keerden we huiswaarts, maar niet zonder nog even te stoppen bij Rana City. Kikkerdorp. U kent vast de vele plaatjes van die groene boomkikkers met rode pootjes en zijn gele, blauwe en oranje vriendjes. Die leven blijkbaar ook in de lelies langs de waterkant. Ze zijn erg klein, maar grappig om te zien (en verdomd moeilijk te fotograferen). Na de vermoeiende tocht kwamen we opgelucht weer bij het kamp aan om na al het moois een welverdiende nachtrust te genieten.

{ 0 comments }

Welcome to the jungle

februari 12, 2010

Nadat ik Lotte en Koen heb opgehaald van het vliegveld in Quito verblijven we een paar dagen in de Ecuadoriaanse hoofdstad om te gewennen aan de hoogte en het klimaat. De dagen erna brengen we door in Baños, waar, niet geheel toevallig, diverse thermale baden zijn. Ook kunnen we daar door de bergen fietsen langs een mooie route vol met watervallen. Ideaal om te acclimatiseren! In Baños besluiten we eerst naar de jungle van de Amazone te gaan. Als we dat overleven trekken we naar de kust om aan ons grote Galapagos avontuur te beginnen.

In het oliestadje Coca aangekomen vinden we vrij snel een gids die ons voor een mooi prijsje 4 dagen de jungle wil laten zien. De volgende ochtend negen uur staat onze gids inderdaad op de afgesproken plek op ons te wachten. Dat begint goed! We gaan twee uur bootje varen, half uur auto rijden en dan nog een uur bootje varen om bij onze ´jungle lodge´ te geraken. Dit bleken twee enorme houten hutten aan een lagune te zijn, voorzien van een aantal kamers met houten bedden, dunnen matrassen en, gelukkig, klamboes.

De eerste dag hebben we na een flinke nachtrust direct een grote hike (wandeling klinkt zo suf) door de jungle gemaakt. In het begin zijn de paden goed begaanbaar, want die worden waarschijnlijk daags betrapt door dikke amerikanen en ander bewegingsmoe volk, maar verder in de jungle gaat onze vrolijke en ervaren gids Braulio lustig met zijn vlijmscherpe machete aan de slag. We zien vooral veel struiken, palmen en andere exotische flora, afgewisseld met de nodige insecten in alle soorten en maten. Na een aantal uur ploegen door de dichte begroeiing en dito spinnewebben komen we aan bij de pilaar van het woud: een 70 meter hoge woudreus met wortels zo groot dat het een paar minuten kost om er omheen te lopen. De boom is een gastheer voor vele andere organismen en heeft lianen aan zijn takken groeien die zo groot zijn als een flinke berk. Na de aanblik van dit indrukwekkende organisme vervolgen we onze weg en proberen onderweg van de verschillende vruchten in het woud. De meeste vruchten zijn even onbekend als lekker. Uiteindelijk komen we na 5 uur kruipen en lopen weer terug bij onze hutten. Tijd voor wat rijst, kip en papaya, om vervolgens 2 uur als een os te slapen. Als we wakker worden staat onze gids klaar met 5 twijgjes en wat visdraad. Piranha fishing!

In de smalle kano zitten we vervolgens uren lang stukjes vlees te voeren aan onze getande visvriendjes. Letterlijk voeren, want van vangen komt niet veel. De magere vangst van 5 kleine piranha´s is een magere aanvulling op ons avondmaal. Uitgeput kijken we in de avond naar de heldere sterrenhemel om vervolgens in een nachtelijke symphonie van alle insecten in een hele diepe slaap te vallen.

De dag erop eten we wederom vis in de ochtend en maken na het ontbijt een flinke wandeling door een ander deel van het woud. Een stuk jungle waar onze ervaren gids zelf (en blijkbaar met hem vele anderen) ook al jaren niet meer was geweest. Dit betekende meer vruchten en ongedierte, een schitterend riviertje en… drijfzand. We kregen allemaal een soort prikstok mee die moest dienen als houvast en testinstrument om te kijken of te grond voor ons veilig te belopen was. Meteen als ik de stok krijg steek ik hem in de zwarte modder voor mij en druk hem zonder moeite geheel in de modder, zo´n anderhalve meter. Als ik de stok vervolgens (tevens zonder moeite) weer uit de grond trek horen we een angstaanjagend slurpend geluid. Geen wonder dat er ontdekkingsreizigers van de aardbodem zijn verdwenen. Dit werd een tikkeltje gevaarlijk. Met behulp van geimproviseerde bruggetjes van dode bladeren en omgekapte bomen lopen we heel voorzichtig verder, als Lotte plotseling met haar voet van een boomstam afglijdt en met haar been in de modder wordt gezogen. Ze herstelt zich snel en weet er direct uit te klimmen. Een tikkeltje bleek en geschrokken vervolgen we onze weg. Over avontuur gesproken. Via reuzemieren en gordeldierholen komen we weer veilig aan bij het kamp. Dit is echter nog niet al het avontuur wordt ons meegedeeld: vannacht gaan we kaaimannen kijken…

{ 2 comments }